Fokken met je cavia

Mocht u besluiten een nestje te fokken, dan zijn er een aantal belangrijke dingen die u moet weten:
De ideale leeftijd om het vrouwtje voor het eerst te laten dekken is 4 – 5 maanden. Laat nooit een zeugje voor de eerste keer dekken als ze ouder is dan 10 maanden. Het bekken heeft dan een groot deel van zijn elasticiteit verloren en de kans is groot dat het bekken niet genoeg open zal kunnen staan om de jonkies ter weremaa rik mis je ld te brengen. Dit is een groot risico voor zowel de moeder als de jonkies.

Een zeug is iedere 15 – 18 dagen bronstig. Zij zal zich dan laten dekken. Is de bronstigheid voorbij, dan zal ze het mannetje afweren. a de dekking zult u in eerste instantie niets merken aan de zeug. Het eerste teken van zwangerschap is het uitblijven van de bronstigheid, 15 tot 18 dagen na de dekking. Na 3 weken zullen ervaren fokkers lichte zwellingen in de buik kunnen voelen. Vanf 4-5 weken zal de zeug behoorlijk in gewicht gaan toenemen. Als cavia’s tijdens de zwangerschap afvallen is dit een teken van ziekte, zwangerschapsvergiftiging of dode vruchten. Ga naar een dierenarts!

De zwangerschap duurt 68 – 70 dagen en gedurende die periode heeft het zeugje meer vit C en voeding nodig. U kunt de babies voelen bewegen vanaf de 48ste dag. De bevalling verloopt meestal probleemloos. De jonkies komen volledig behaard en met open oogjes ter wereld. Tijdens de bevalling zit de moeder gehurkt en trekt als het ware het jong naar buiten. De jonkies zitten in een vlies en het is van levensbelang dat de moeder dit vlies zo snel mogelijk kapot bijt, zodat het jong vrij kan ademen. Het komt wel eens voor dat de moeder dit niet doet, hetzij door onervarenheid, hetzij omdat er twee jonkies te snel achter elkaar worden geboren en ze zich maar met een kan bezighouden. Als u dit ziet zorg dan dat u het vlies zo snel mogelijk van het jong afhaalt, anders zal het stikken. De moeder is vrij ruw met haar pasgeboren jong. Ze duwt en trekt eraan en zal het zeer hardhandig gaan likken.Op deze manier wordt het jong opgestart. Mocht de moeder om wat voor reden dan ook zich niet bekommeren om het jong, dan zult u de taak van de moeder moeten overnemen. Neem een handdoek en wrijf het jong droog, ga niet super voorzichtig te werk, dat doet de moeder ook niet.

Deze baby is slechts enkele minuten oud. Hij is nog helemaal nat en bloederig, maar beweegt al actief en heeft zijn oogjes open.

Als de jonkies geboren zijn zal ook de moederkoek afkomen. Haal deze niet weg, de cavia zal hem geheel of gedeeltelijk opeten. In de moederkoek zitten belangrijke stoffen voor de melkproductie. De melkproductie komt vrij snel na de bevalling op gang (soms al voor de bevalling). Soms kan het wel enkele uren duren. Vrij snel na de bevalling huppelen ze al rond en vanaf de eerste dag eten ze al vast voedsel. Ook zogen ze bij hun moeder. Na 3 – 4 weken kunt u ze bij de moeder weghalen. De zoogperiode is dan voorbij en de mannetjes zijn dan al vaak geslachtsrijp.

Beertjes zullen de pasgeboren babies geen kwaad doen, haal hem echter bij het zeugje weg ruim voor de bevalling. Het zeugje is gelijk na de bevalling weer bronstig en zal zich door het beertje laten dekken. Het is een veel te zware belasting voor het zeugje om weer onmiddellijk drachtig te raken. Twee nestjes per jaar is meer dan genoeg. Is het beertje inmiddels langer dan 6 weken geleden gecastreerd, dan mag hij gewoon bij de bevalling zijn.

Het is verstandig om niet meer met uw zeugje te fokken als ze de leeftijd van 4 jaar heeft bereikt. Voor een dekbeer geldt een leeftijd van 5 – 6 jaar.

PROBLEMEN BIJ DE ZWANGERSCHAP

Als het zeugje stil in een hoekje zit met de haartjes rechtop en slecht of niet meer eet, dan is dit een teken dat er iets niet in de haak is. Ga zo snel mogelijk naar de dierenarts. Het is zeer waarschijnlijk dat het zeugje zwangerschapsvergiftiging heeft. De prognose is dan helaas niet goed. De kans op zwangerschapsvergiftiging wordt vergroot door:

· te dikke (vervette) zeug
· voedingstekort
· stress
· ziekte van de zeug (bijv. schurft of schimmel)

De dierenarts kan een aantal middelen geven om de zwangerschapsvergiftiging te bestrijden, maar zelden is de behandeling succesvol.

PROBLEMEN BIJ DE GEBOORTE

Dystocia

Dit komt voor als de jonkies te groot zijn, of fout liggen, bij onvoldoende ontsluiting, onvoldoende persweeën en misvormde jonkies. Als de zeug meer dan 20 minuten continu perst, of als er na 2 uur persen met tussenpozen, nog geen jong is, dan is het goed mogelijk dat er sprake is van dystocia. Ga onmiddellijk naar de dierenarts. Deze zal haar een middel geven om de weeën op te wekken (oxytocin). Als er na 15 tot 30 minuten nog steeds geen bevalling heeft plaatsgevonden, is een keizersnede de enige oplossing. Als de zeug nog in goede conditie is, heeft deze operatie een goede kans van slagen. Is het dier uitgeput en ziek, dan wordt de operatie meestal gezien als een kans om in ieder geval de jonkies levend ter wereld te brengen.

<3>PROBLEMEN NA DE GEBOORTE

Pijnlijke tepels

Als een zeugje erg veel jonkies heeft en te weinig melk, kunnen de tepels, door het zuigen van de jonkies, heel pijnlijk worden. Ze zal piepen van de pijn als de jonkies trachten te zogen en za kan weigeren om ze nog te laten drinken. De tepels zijn erg groot en de uiteindes zijn rood en gezwollen. U kunt de tepels enkele keren per dag insmeren met uierzalf, dit kan geen kwaad voor de jonkies. Indien nodig, moet u de jonkies bijvoeren.

Ontstoken melkklieren

De melkklieren zijn gezwollen en rood en voelen warm aan. De ontsteking wordt veroorzaakt door een bacteriële infectie. De dierenarts zal u een antibioticakuur meegeven en een zalf om de tepels mee in te smeren.

VERSTOTEN JONKIES EN WEESCAVIA’S

Soms komt het voor dat de moeder haar jonkies verstoot, of de moeder overlijdt tijdens de bevalling. De kleintjes moeten toch gevoed worden. Het beste voor de kleintjes is een pleegmoeder, er gaat niks boven moedermelk en moederwarmte. Heeft u toevallig nog een zogende zeug, haal dan haar jonkies even bij haar weg. Zet de weesjes bij de jonkies zodat ze dezelfde geur krijgen. Zet dan voorzichtig de weesjes bij de pleegmoeder. U zult snel genoeg zien of ze de weesjes accepteert. Als alles goed gaat kunt u haar eigen jonkies ook weer bij haar zetten. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat de pleegmoeder teveel jonkies moet verzorgen. Heeft ze zelf al meer dan 3 jonkies, zet er geen weesjes bij.

Is er geen pleegmoeder beschikbaar, dan zult u de cavia’s met de hand moeten grootbrengen.

Gebruik hiervoor een vervangende moedermelk hiervoor is de Babymelk van de Knoevelshop ontwikkeld. De melk moet op lichaamstemperatuur gegeven worden (38.5 graden) De slikreflex van de kleintjes is nog niet goed ontwikkeld, daarom moet u heel voorzichtig zijn met het voeden. Als het diertje een te grote slok ineens binnenkrijgt kan dat in de longen terechtkomen en kan het caviaatje stikken. Voeder met 1 ml spuitje uit de Knoevelshop.

De eerste dagen zal het dier genoeg hebben aan 1ml per keer. U moet iedere 2 uur voeden, ook ’s nachts. Na het voeden moet u met een wattenstaafje, gedrenkt in lauw water, de onderbuik van de kleine masseren. Zo stimuleert u de stoelgang. Het is van belang dat de kleintjes warm liggen. Na de eerste week kunt u volstaan met voeden om de 3 a 4 uur. De caviaatjes zullen dan ook wat meer drinken, zo’n 2 tot 3 ml per keer. Hoewel cavia’s al vrij snel vast voedsel gaan eten, is het toch van belang om ze zeker 2 tot 3 weken te voeden met vervangende moedermelk. Mocht de kleine cavia last hebben van darmkrampjes, geef hem dan Infacol uit de Knoevelshop.